+31 (0) 30 602 16 17

Onduidelijkheid bij zzp'ers omtrent schijnzelfstandigheid schokkend

8 maart 2019

Onduidelijkheid bij zzp'ers omtrent schijnzelfstandigheid schokkend

Een overgrote meerderheid van zzp’ers weet niet waar ze zich aan moet houden om daadwerkelijk aangemerkt te worden als zelfstandige. Dit is een van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek dat CHOICE Insights & Strategy (hierna: CHOICE), in opdracht van inhuurspecialist Brainnet en in samenwerking met ZiPconomy, uitvoerde onder ruim 1000 zzp’ers en werknemers.

De regels voor het inhuren van  1,1 miljoen Nederlandse zelfstandigen staan beschreven in het beleid van de Belastingdienst. In de praktijk wordt dit ook wel de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) genoemd. Uit het onderzoek blijkt dat zzp’ers niet erg bekend zijn met de wet DBA, terwijl dit uiteindelijk wel bepaalt in welke mate zij onder gezag werken. Bovendien volgen zij de huidige ontwikkelingen nauwelijks.

De vraag of er sprake is van een gezagsverhouding speelt zzp’ers parten. Zij krijgen minder opdrachten en kunnen beboet worden. De Belastingdienst stelt schijnzelfstandigheid (de dienstbetrekking) vast met behulp van 43 aanwijzingen. De meerderheid van de respondenten weet echter niet op basis waarvan de Belastingdienst de regels handhaaft of wil gaan handhaven.

Criteria waarmee gezag wordt beoordeeld niet helder

Om tot een (begin van een) eenduidige weging van bestaande regels te komen, vroeg CHOICE aan werknemers (die werken onder gezag) en zzp’ers hoe zwaar zij denken dat de indicaties van de Belastingdienst volgens de huidige wetgeving wegen, op een schaal van 1 tot 10. Daarnaast is gevraagd hoe zwaar zij persoonlijk vinden dat de indicaties in toekomstige wetgeving zouden moeten wegen. De voorgelegde vragen zijn gelijk aan de genoemde aanwijzingen in het handboek loonheffingen van de Belastingdienst. De uitslag van het onderzoek laat zien dat respondenten weinig verschil zien tussen de criteria waarmee gezag wordt beoordeeld. Juridisch zwaarwegende criteria lijken bijna even zwaar te wegen als criteria die in de rechtspraak doorgaans weinig gewicht in de weegschaal leggen.

Top drie van belangrijke en minst belangrijke criteria volgens zzp’ers

 

Zwaarwegend in huidige wetgeving

Indicaties die in de toekomst zwaarder mogen wegen

1

Doorbetaling bij ziekte en ongeval

De werkende bouwt betaald verlof op

2

Andere opdrachten aannemen mag

Doorbetaling bij tijdelijk geen werk

3

Beperkend concurrentie- of relatiebeding

Doorbetaling bij ziekte of ongeval

 

Minst zwaarwegend in huidige wetgeving

Indicaties die in de toekomst minder zwaar mogen wegen

1

Verplichte deelname aan bedrijfsactiviteiten

Verplichte deelname aan bedrijfsactiviteiten

2

Opdracht is wezenlijk onderdeel bedrijfsvoering

Opdrachtgever bepaalt welke materialen worden gebruikt of verschaft deze

3

Verplichting om visitekaartjes te gebruiken

Opdrachtgever bepaalt welke hulpmiddelen worden gebruikt

Zzp’ers begrijpen dat de regels soms streng moeten zijn en accepteren dit ook als het om ‘harde’ elementen gaat, zoals ‘concurrentie- en relatiebeding’, ‘aansprakelijkheidsrisico’s’, ‘beloning’ en ‘leiding & toezicht’. Aan de andere kant ervaren zij de regels soms als té streng, met name ten aanzien van de ‘zachtere’ kant van hun werkzaamheden of elementen die meer buiten hun macht liggen. De elementen vragen om meer duidelijkheid.

>>>Onduidelijkheid bij zzp'ers omtrent schijnzelfs...